From 1 - 10 / 16
  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle deelgebieden van onteigeningsplannen horende bij gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. In een plan wordt het gebied soms opgedeeld in deelgebieden om ruimtelijk samenhangende gehelen gezamenlijk te analyseren of bespreken.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle deelgebieden van rooilijnplannen horende bij gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. In een plan wordt het gebied soms opgedeeld in deelgebieden om ruimtelijk samenhangende gehelen gezamenlijk te analyseren of bespreken.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen van het type lijnen van rooilijnplannen horende bij gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Voorschriften die gekoppeld zijn aan lijnvormige of puntvormige planelementen kunnen, in tegenstelling tot diegene die gekoppeld zijn aan vlakken, nooit onderliggende planelementen bedekken, in die zin dat ze die vervangen.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle contouren van rooilijnplannen horende bij gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. Elk plan wordt afgebakend door zijn contour. Deze contour betreft de geometrische omhullende van alle bevattende lagen van het plan. Er is conceptueel beslist om rondom eventuele lijnelementen die niet binnen een grondvlak voorkomen, een buffer te tekenen om toe te laten die op te nemen binnen de omhullende contour. Aan deze plancontourlaag worden de administratieve gegevens van het plan in de attributen opgenomen.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle contouren van onteigeningsplannen horende bij gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. Elk plan wordt afgebakend door zijn contour. Deze contour betreft de geometrische omhullende van alle bevattende lagen van het plan. Er is conceptueel beslist om rondom eventuele lijnelementen die niet binnen een grondvlak voorkomen, een buffer te tekenen om toe te laten die op te nemen binnen de omhullende contour. Aan deze plancontourlaag worden de administratieve gegevens van het plan in de attributen opgenomen.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle schorsingen door de Vlaamse Regering en de deputaties van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. De schorsingen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type overdrukken indicatieve aanduiding - van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Ook de schorsingen en vernietigingen van de Raad van State zijn hierin verwerkt. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Overdrukvlakvoorschriften betreffen een detaillering van of een bijkomende voorwaarde op een grondvlak, ongeacht of dit laatste voorschrift tot een ouder plan of hetzelfde plan behoort. Dit betekent in de praktijk dat voor de bewuste gebieden de overdrukvoorschriften nog samen met 1 of meerdere onderliggende voorschriften (van een ouder plan of van hetzelfde plan) moeten gelezen worden, omdat ze de onderliggende grondvlakvoorschriften niet vervangen. In een plan kunnen stedenbouwkundige voorschriften toegevoegd worden die van toepassing zijn op een gebied, lijn of plek die de opmaker van het plan niet geometrisch nauwkeurig wil bepalen. Dit zijn de zogenaamde indicatieve aanduidingen. Er bestaan 3 types van indicatieve aanduidingen: punten, lijnen en overdrukken. De planelementen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type grondvlak - van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Ook de schorsingen en vernietigingen van de Raad van State zijn hierin verwerkt. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Grondvlakvoorschriften zullen in de praktijk altijd aan een vlakvormig planelement gekoppeld worden dat op zijn beurt een vlakvullend legendesymbool ontvangt, m.a.w. een dekkende symboliek. Dit soort voorschriften kan zowel een vervangend als een aanvullend karakter vertonen ten opzicht van andere voorschriften, afhankelijk van de geldende decretale marges betreffende subsidiariteit, hiërarchie van de plannen, en de overgang van de plannen van de oude wetgeving naar de nieuwe. Bovenop de grondvlakken van het plan kunnen andersoortige planelementen gelegd worden. Deze worden ingedeeld volgens geometrie: vlakken, lijnen, punten en volgens de geometrische nauwkeurigheid van de planelementen (geometrisch nauwkeurig te bepalen of bij wijze van aanduiding). De planelementen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle deelgebieden van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Ook de schorsingen en vernietigingen van de Raad van State zijn hierin verwerkt. In een plan wordt het gebied soms opgedeeld in deelgebieden om ruimtelijk samenhangende gehelen gezamenlijk te analyseren of bespreken. De deelgebieden zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type punten - van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Ook de schorsingen en vernietigingen van de Raad van State zijn hierin verwerkt. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Voorschriften die gekoppeld zijn aan lijnvormige of puntvormige planelementen kunnen, in tegenstelling tot diegene die gekoppeld zijn aan vlakken, nooit onderliggende planelementen bedekken, in die zin dat ze die vervangen. De planelementen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.