From 1 - 10 / 33
  • Kaart van de Gezondheid Effecten Screening score (GES) van omgevingslawaai in Vlaanderen. De indicator is gebaseerd op de strategische geluidsbelastingkaarten Lden voor het referentiejaar 2016 voor belangrijke wegen, belangrijke spoorwegen en voor de luchthaven Brussel, aangevuld met de strategische geluidsbelastingkaarten Lden voor agglomeratie Antwerpen (referentiejaar 2016), Gent (referentiejaar 2016) en Brugge (referentie jaar 2011) zoals goedgekeurd door de Vlaamse regering in 2018 in uitvoering van de Europese richtlijn omgevingslawaai. De bestaande indicatoren werden omgerekend naar hinder-equivalente Lden waarden om vervolgens te komen tot een cumulatieve geluidbelastingskaart. De kaart kan gebruikt worden om potentiële probleemgebieden voor omgevingslawaai te detecteren. De kaart is echter niet gebiedsdekkend aangezien de geluidbelasting enkel berekend werd voor belangrijke verkeersinfrastructuren en de drie agglomeraties, hierdoor ontbreekt er data voor bijvoorbeeld lokale wegen of industriële bronnen buiten de agglomeraties. Hierdoor is er voor veel omgevingen geen data beschikbaar, en wordt de geluidbelasting op sommige locaties onderschat. De cumulatieve hinder-equivalente Lden waarden werden vervolgens met behulp van de Nederlandse methodiek Gezondheid Effect Screening (GES) verdeeld in klassen die een inzicht geven in potentiële gezondheidseffecten als eerste indicatie voor het lokale omgevingslawaai in de gekarteerde gebieden. De GES klassen werden op deze manier gedefinieerd: GES 0 <43 dB(A) = "zeer goed"; GES 1 = 43-48 dB(A) = "goed"; GES 2 = 48 - 53 dB(A) = "redelijk"; GES 4 = 53 - 58 dB(A) = "matig"; GES 5 = 58 - 63 dB(A) = "zeer matig"; GES 6 = 63 - 68 dB(A) = "onvoldoende", GES 7 = 68 -73 dB(A) = "ruim onvoldoende", GES 8 > 73dB(A) = "zeer onvoldoende". Scores vanaf GES 6 kunnen gelinkt worden aan het optreden van hart- en vaatziekten op basis van evidentie uit epidemiologisch onderzoek. Ook bij lagere geluidsbelastingen kunnen er echter negatieve effecten op de gezondheid optreden.

  • De ziekenhuisregioindeling deelt het gebied van het Vlaamse Gewest op in 37 gebieden. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kan in bepaalde gevallen, wanneer de Vlaamse overheid bevoegdheid heeft in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, als extra gebied worden opgenomen.

  • De zorgregioindeling Beschut Wonen deelt het gebied van het Vlaamse Gewest op in 43 gebieden. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kan in bepaalde gevallen, wanneer de Vlaamse overheid bevoegdheid heeft in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, als extra gebied worden opgenomen.

  • Gebiedsdekkende kaart van de Gezondheid Effecten Screening score (GES) van hittestress in Vlaanderen. De indicator is gebaseerd op het aantal hittegolfgraaddagen (°C.dag) in Vlaanderen in het jaar 2003, gemodelleerd voor de Vlaamse milieumaatschappij (2018). De indicator hittegolfgraaddag (HGD) geeft aan waar en met hoeveel graden Celsius de drempelwaarden voor minimum en maximum temperaturen (respectievelijk 18.2°C en 29.6°C), aangegeven door de FOD Volksgezondheid, worden overschreden. Per locatie wordt het aantal hittegolfgraaddagen opgeteld voor alle dagen van het jaar 2003. Voor het aanmaken van de GES-kaart maken we gebruik van de HGD kaart van 2003, een erg warm jaar dat ook als referentie wordt gebruikt in de studie van de Vlaamse milieumaatschappij (2018). Er is geopteerd om te werken met de kaart voor een extreem jaar in plaats van een jaargemiddelde kaart, omdat de gezondheidsproblemen zich voornamelijk voordoen tijdens dit soort zomers, en op die manier de potentiële probleemlocaties goed in beeld worden gebracht en niet worden onderschat. De GES klassen werden op deze manier gedefinieerd: GES 2 = 0 - 20 (°C.dag) = "redelijk" ; GES 3 = 20 - 30 (°C.dag) = "vrij matig" ; GES 4 = 30 - 40 (°C.dag) = "matig" ; GES 5 = 40 - 60 (°C.dag) = "zeer matig" ; GES 6 = 60 - 80 (°C.dag) ="onvoldoende"; GES 7 = 80-100 (°C.dag) = "ruim onvoldoende"; GES 8 > 100 (°C.dag) = "zeer onvoldoende". GES 6 komt overeen met minstens 60 hitteggolfgraaddagen, een waarde die zich in Antwerpen voor doet in het jaar 2003 en waarvan geweten is dat er veel slachtoffers vielen als gevolg van hittestress. ook een lager aantal hittegolfgraaddagen heeft echter negatieve effecten op de gezondheid. De kaart kan gebruikt worden om potentiële probleemgebieden voor hittestress in Vlaanderen te detecteren. Naast luchttemperatuur zijn echter ook stralingsbelasting (zowel kortgolvig als langgolvig), luchtvochtigheid en windsnelheid belangrijke factoren in het bepalen van hittestress en humaan thermisch comfort. De modellering houdt hiermee geen rekening. Lokaal kan de werkelijk ervaren hittestress dus hoger (bijvoorbeeld door lokale straling afkomstig van bijvoorbeeld beton- of asfaltverharding) of lager (bijvoorbeeld omwille van schaduw door bomen) zijn.

  • De indeling van het Vlaamse Gewest in zorgregio's is bepaald in het zorgregiodecreet (https://codex.vlaanderen.be/Zoeken/Document.aspx?DID=1011102&param=inhoud&AID=1101198). De indeling bestaat uit meerdere niveau's met een hiërarchische structuur die gebaseerd is op natuurlijke invloedssferen. De niveau’s zijn het regionaalstedelijk, het kleinstedelijk, subniveau 1 en subniveau 2 waarbij het regionaalstedelijk en het kleinstedelijk primeren. Subniveau 1 en subniveau 2 zijn een onderverdeling van het kleinstedelijk niveau in kleinere eenheden op basis van het aantal inwoners en/of de oppervlakte.

  • Gestandaardiseerd aantal overlijdens aan darmkanker bij mannen per 100.000 inwoners, zorgregio subniveau 2, Vlaanderen, periode 2003-2012. Voor deze doodsoorzakengroep darmkanker met ICD-10-codes C18-C21 (sterfte door kanker colon, rectum of anus), werd een analyse gemaakt voor de periode 2003-2012. Het gaat om het gemiddeld aantal inwoners in de regio gedurende de periode 2003-2012. Alle cijfers hebben uitsluitend betrekking op inwoners van het Vlaams Gewest. Buitenlanders en inwoners van het Waals Gewest of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die overleden in het Vlaams Gewest zijn dus niet meegeteld. Zij komen ook niet in de populatienoemers voor. Gemiddeld jaarlijks aantal overlijdens in de regio voor de geselecteerde doodsoorzaak voor de periode 2003-2012. Het gaat hier om directe standaardisatie en deze wordt uitgedrukt als "aantal overlijdens per 100.000 personen van een standaardbevolking". Deze methode wordt in deze kaarten (ganse sterfteatlas) en bij vergelijkingen tussen Vlaanderen en Europa gebruikt. De legende is opgebouwd als volgt: het middelpunt van elk interval (groepsgrenzen) is 10% lager dan de volgende groep, en 10% hoger dan de vorige groep. https://www.zorg-en-gezondheid.be/aantal-overlijdens-per-regio-2014 Definitie zorgregio subniveau 2: Een zorgregio is een geografisch omschreven gebied. Met het oog op het stimuleren en organiseren van de samenwerking tussen gezondheidsvoorzieningen en welzijnsvoorzieningen en het bepalen van de programmatie, verdeelt de Vlaamse Regering het Vlaamse Gewest in zorgregio's. Hierbij houdt ze rekening met bestaande samenwerkingsverbanden en hun specifieke kenmerken en worden de provinciegrenzen gerespecteerd. De Vlaamse regering heeft hierbij ook oog voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidsvoorzieningen of welzijnsvoorzieningen voor de gebruiker. Er zijn verschillende hiërarchische niveaus van afbakening. Zorgregiolayer Subniveau 2 deelt het gebied het Vlaamse Gewest op in 111 gebieden. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kan in bepaalde gevallen, wanneer de Vlaamse overheid bevoegdheid heeft in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, als extra gebied worden opgenomen.

  • Gestandaardiseerd aantal overlijdens aan darmkanker bij vrouwen per 100.000 inwoners, zorgregio Kleine Stad, Vlaanderen, periode 2003-2012. Voor deze doodsoorzakengroep darmkanker met ICD-10-codes C18-C21 (sterfte door kanker colon, rectum of anus), werd een analyse gemaakt voor de periode 2003-2012. Het gaat om het gemiddeld aantal inwoners in de regio gedurende de periode 2003-2012. Alle cijfers hebben uitsluitend betrekking op inwoners van het Vlaams Gewest. Buitenlanders en inwoners van het Waals Gewest of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die overleden in het Vlaams Gewest zijn dus niet meegeteld. Zij komen ook niet in de populatienoemers voor. Gemiddeld jaarlijks aantal overlijdens in de regio voor de geselecteerde doodsoorzaak voor de periode 2003-2012. Het gaat hier om directe standaardisatie en deze wordt uitgedrukt als "aantal overlijdens per 100.000 personen van een standaardbevolking". Deze methode wordt in deze kaarten (ganse sterfteatlas) en bij vergelijkingen tussen Vlaanderen en Europa gebruikt. De legende is opgebouwd als volgt: het middelpunt van elk interval (groepsgrenzen) is 10% lager dan de volgende groep, en 10% hoger dan de vorige groep. https://www.zorg-en-gezondheid.be/aantal-overlijdens-per-regio-2014 Definitie zorgregio Kleine Stad: Een zorgregio is een geografisch omschreven gebied. Met het oog op het stimuleren en organiseren van de samenwerking tussen gezondheidsvoorzieningen en welzijnsvoorzieningen en het bepalen van de programmatie, verdeelt de Vlaamse Regering het Vlaamse Gewest in zorgregio's. Hierbij houdt ze rekening met bestaande samenwerkingsverbanden en hun specifieke kenmerken en worden de provinciegrenzen gerespecteerd. De Vlaamse regering heeft hierbij ook oog voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidsvoorzieningen of welzijnsvoorzieningen voor de gebruiker. Zorgregiolayer Kleine Stad deelt het gebied van het Vlaamse Gewest op in 59 gebieden. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kan in bepaalde gevallen, wanneer de Vlaamse overheid bevoegdheid heeft in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, als extra gebied worden opgenomen.

  • Gebiedsdekkende kaart van de Gezondheid Effecten Screening score (GES) van lokale luchtkwaliteit in Vlaanderen. De indicator is gebaseerd op de jaargemiddelde NO2 (stikstofdioxide) concentraties (Vlaamse Milieumaatschappij 2017), die gemodelleerd werd met de RIO-IFDM-OSPM modelketen. Deze polluent werd als basis genomen omwille van zijn grote ruimtelijke variatie, sterke link met lokale emissies en goed gedocumenteerde gezondheidseffecten. De concentraties aan NO2 werden vervolgens met behulp van de Nederlandse methodiek Gezondheids Effect Screening (GES) verdeeld in klassen die een inzicht geven in potentiële gezondheidseffecten van luchtverontreiniging door NO2, als eerste indicatie voor de lokale luchtkwaliteit. Uiteraard zijn ook andere polluenten (bijvoorbeeld fijn stof of ozon) van belang bij de verdere analyse en beoordeling van de lokale luchtkwaliteit. De GES klassen werden op deze manier gedefinieerd: GES 1 = 0-10 µg/m³ jaargemiddelde NO2 = "goed" ; GES 4 = 10-20 µg/m³ jaargemiddelde NO2 = "matig"; GES 6 = 20-30 µg/m³ jaargemiddelde NO2= "onvoldoende", GES 7 = 30-40 µg/m³ jaargemiddelde NO2= "ruim onvoldoende", GES 8 >40 µg/m³ jaargemiddelde NO2= "zeer onvoldoende". Vanaf GES 6 wordt de gezondheidsadvieswaarde zoals geadviseerd door het Agentschap voor Zorg en Gezondheid (maximaal 20 µg/m³ jaargemiddelde NO2) overschreden, maar ook lagere concentraties hebben negatieve effecten op de gezondheid.