Topic
 

environment

497 record(s)
 
Type of resources
Available actions
flanderskeyword
Provided by
status
Topics
Keywords
License
Contact for the resource
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
Scale 1:
Resolution
INSPIRE themes
From 1 - 10 / 497
  • Bestand met begrenzing van de aangewezen Vlaamse natuurreservaten (eigendom van het Vlaams Gewest). De inventaris werd bijgewerkt op 22 december 2020. De bestaande data werd vervangen nav de gewijzigde wetgeving ivm Natuurbeheerplannen. De data bevat niet enkel de aangewezen reservaten (oude wetgeving) en hun uitbreiding, maar bevat voortaan ook de Beheerplannen Type 4 van de reservaten waar het Vlaams Gewest eigenaar is.

  • De Vlaamse Regering wenst de herontwikkeling van verlaten bedrijventerreinen (zg. brownfields ) te stimuleren en te faciliteren door het afsluiten van convenanten met projectontwikkelaars en investeerders. Via zo’n convenant krijgen projectontwikkelaars en investeerders een aantal juridisch-administratieve en financiële voordelen bij de ontwikkeling van braakliggende en onderbenutte bedrijventerreinen. Daarmee wil de Vlaamse Regering hen ertoe aanzetten bij voorkeur verlaten sites (brownfields) te hergebruiken in plaats van nieuwe gebieden (greenfields) aan te snijden voor de ontwikkeling van industriële activiteiten, woningbouw of recreatie.

  • De Biologische Waarderingskaart (BWK) is een uniforme inventarisatie en evaluatie van het gehele Vlaamse grondgebied aan de hand van een set karteringseenheden die staan voor vegetaties, bodembedekking en kleine landschapselementen (lijn- en puntvormige elementen). Ook met de aanwezigheid van belangrijke fauna-elementen is er rekening gehouden. De vernieuwde BWK, versie 2, probeert, in vergelijking met de versie 1, aan meer vereisten en noden te voldoen, zowel inhoudelijk als op het gebied van nauwkeurigheid. In deze versie van de BWK zijn ook de Natura 2000 habitattypen opgenomen. In Vlaanderen komen actueel 47 Natura 2000 habitattypen van de Bijlage I van de Habitatrichtlijn voor. Daarnaast zijn er in Vlaanderen ook 15 regionaal belangrijke biotopen gedefinieerd. Dit zijn biotopen die naar biologische waarden en belang voor de biodiversiteit vergelijkbaar zijn met habitattypen, maar die op Europees niveau minder bedreigd zijn. Deze kaart geeft de best beschikbare informatie anno 2020 over de verspreiding van de Natura 2000 habitattypen, de regionaal belangrijke biotopen en de karteringseenheden van de Biologische Waarderingskaart. Dit kan een vereenvoudiging zijn van de werkelijkheid op terrein. Ten allen tijde geldt de reële situatie op terrein voor toepassing t.b.v. het beleidsmatig en wettelijk kader.

  • Coördinaten van individuele zuiveringsinstallaties die moeten gerapporeerd worden volgens richtlijn 91/271/EEC van de Europese raad over stedelijk afvalwater.

  • EU Register van Industriële Sites in Vlaanderen dataset bevat de data zoals ze gerapporteerd wordt aan het EU register over industriële sites vanuit Vlaanderen. De dataset die alle informatie bevat over inrichtingen, installaties en installatie delen die gerapporteerd worden onder verordening (EG) nr. 166/2006 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de instelling van een Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen en onder de Industriële Emissies richtlijn 2010/75/EU over grote stookinstallaties (voormalig gerapporteerd onder de LCP richtlijn 2001/80/EC), door de Vlaamse Overheid. Deze dataset maakt deel uit van een Europees brede dataset het EU Register. De data bevat de nominale thermische input van de grote stookinstallaties. Naast de Grote Stookinstallaties bevat de dataset ook alle andere installaties die onder de Industriële Emissies richtlijn gerapporteerd worden aan Europa. Informatie over het Jaarlijkse energieverbruik en de emissies van de onderdelen in deze dataset maakt geen deel uit van deze dataset maar van de thematische dataset gerapporteerd onder verordening (EG) nr. 166/2006 van het Europees Parlement en de Raad en de LCP richtlijn 2001/80/EC.

  • Coördinaten van individuele uitlaten van zuiveringsinstallaties of inzamelingssystemen.

  • Coördinaten van de agglomeraties die een afvalwatervolume genereren gelijk of groter dan 2000 inwoners equivalenten. Deze stedelijk afvalwater agglomeratie voor Vlaanderen zijn gedefinieerd zoals opgelegd in richtlijn 91/271/EEC van de Europese Commissie over de behandeling van stedelijk afvalwater.

  • Deze gegevens geven een overzicht van de leveringsgebieden in Vlaanderen. Een leveringsgebied is een geografisch vastgelegd gebied waarin water geschikt voor menselijke consumptie wordt verdeeld afkomstig van één of meerdere bronnen van de welke de waterkwaliteit uniform verondersteld wordt. De uniforme kwaliteit kan variëren met de tijd. De gegevens zijn samengesteld voor de Europese richtlijn 98/83/EC omtrent drinkwater.

  • Georefereerde informatie over kwetsbare gebieden en bekkens. De kwetsbare gebieden zijn gedefinieerd zoals opgelegd in richtlijn 91/271/EEG van de Europese Raad betreffende de behandeling van stedelijk afvalwater.

  • Sinds 1 januari 2019 is een nieuw Mestdecreet van kracht in Vlaanderen, het ‘Decreet houdende wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en van het Mestdecreet van 22 december 2006, wat de implementatie van het zesde mestactieprogramma betreft’. Europa zette Vlaanderen aan tot een meer doorgedreven aanpak van de bescherming van het oppervlakte- en grondwater. Het Mestdecreet, ook wel MAP 6 (Mest Actie Plan 6) genoemd, heeft tot doel de waterverontreiniging door nitraten en fosfaten uit agrarische bronnen te verminderen en verdere verontreiniging te voorkomen. De afdeling Mestbank van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) voert dit decreet uit. De gebiedstype-indeling in MAP 6 vervangt de vroegere afbakening van de focusgebieden nitraat mestdecreet. De nieuwe indeling bestaat uit vier gebiedstypes en daar worden verschillende gebiedsgerichte maatregelen ingezet. Zo wil men op termijn de waterkwaliteitsdoelstellingen realiseren. Het zesde mestactieplan (MAP 6) voorziet in een tweejaarlijkse herziening van de indeling van de gebiedstypes. Dat gebeurt op basis van de recentste nitraatmetingen in het oppervlakte- en grondwater in landbouwgebied, uitgevoerd door de Vlaamse Milieumaatschappij. De nieuwe kaart met gebiedstypes die zal gelden in de periode 2021-2022 werd op 27 november 2020 door de Vlaamse Regering vastgelegd. Concreet worden de gebiedstypes nitraat mestdecreet afgebakend als volgt: - Afstroomzones van de Vlaamse waterlichamen als basis Deze zones worden gebruikt als geografische basiseenheid voor de indeling in de verschillende gebiedstypes. In totaal zijn er 265 afstroomzones, naargelang de beoordeling van de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater, wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes. - Beoordeling van het oppervlaktewater De beoordeling van de oppervlaktewaterkwaliteit vormt de vertrekbasis. De gemiddelde nitraatconcentratie van de MAP-meetpunten is de indicator om de globale impact van de landbouw op de oppervlaktewaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. De streefwaarde voor de gemiddelde nitraatconcentratie bedraagt 18 mg nitraat/l. Deze streefwaarde is afgeleid op basis van data-analyse en is de vertaalslag van de grenswaarde voor nitraatstikstof tussen een goede en matige toestand van de oppervlaktewaterkwaliteit vanuit de Kaderrichtlijn Water. Deze grenswaarde bedraagt 10 mg nitraatstikstof/l, wat overeenkomt met 44,3 mg nitraat/l, als 90ste percentielwaarde. Dit betekent concreet dat 90% van de metingen moet voldoen aan deze grenswaarde. Naar gelang de doelafstand tot de streefwaarde wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes oppervlaktewater. - Beoordeling grondwater De gemiddelde nitraatconcentratie in de bovenste filter van de grondwatermeetpunten is een goede indicator om de globale impact van de landbouw op de grondwaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. Omwille van de langere reistijden naar het grondwater, wordt er ook rekening gehouden met de trend van de nitraatconcentratie bij de gebiedstype-indeling voor grondwater. - Gebiedstype-indeling op basis van oppervlakte- en grondwater Om tot een definitieve afbakening te komen, wordt de afbakening op basis van het criterium oppervlaktewater gecombineerd met het criterium grondwater. De gebiedstype-indeling op basis van het oppervlaktewater vormt de basis en wordt naargelang het resultaat van de grondwaterbeoordeling, verhoogd met +1 (tot een maximum van 3). Afstroomzones die na de combinatie van oppervlakte- en grondwater gebiedstype 0 zijn maar waar de 90ste percentielwaarde van alle metingen in oppervlaktewatermeetpunten (op basis van winterjaren 2016-2017, 2017-2018 en 2018-2019) hoger is dan 44,3 mg nitraat/l worden bijkomend aangeduid als gebiedstype 1.