Resolution

0 m

29 record(s)
 
Type of resources
Metadata standard
standardName
Available actions
flanderskeyword
Provided by
status
Topics
Keywords
License
Contact for the resource
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
Scale 1:
Resolution
INSPIRE themes
From 1 - 10 / 29
  • Overzicht van de publieke halteplaatsen bediend door bussen en trams de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn, waar reizigers kunnen op- of afstappen.

  • Aslijnen van de wegen in de Atlas der Buurtwegen waar een wijzigingsdossier van toepassing is. De gegevens bevatten de wijzigingen tot 31 augustus 2019. Nog niet alle dossiers zijn verwerkt. Dossiers vanaf 1 september 2019 vallen onder de bevoegdheid van de steden en gemeenten.

  • Bij de opmaak van een natuurbeheerplan, een projectsubsidie natuur, of andere gelijkgestelde instrumenten ter realisatie van de IHD (instandhoudingsdoelstellingen), kunnen welbepaalde natuurstreefbeelden tot doel gesteld worden voor vegetaties, leefgebieden van soorten of procesgestuurde natuur. Het Instandhoudingsbesluit (BVR 20/06/2014, art. 8) stelt echter dat het realiseren van de Europees te beschermen boshabitattypen niet mag leiden tot een betekenisvolle verslechtering of achteruitgang van de zgn. vegetaties van regionaal belang (VRB’s), zoals gespecificeerd in bijlage bij het besluit. De VRB’s zijn gedefinieerd aan de hand van welbepaalde karteringseenheden uit de Biologische Waarderingskaart (BWK) en Natura 2000 Habitatkaart. Door deze selectie te vertalen naar een ruimtelijk bestand is het voor elke opsteller van een natuurbeheerplan duidelijk op welke percelen of delen van percelen art. 8 van het Instandhoudingsbesluit van toepassing is. Deze kaartlaag geeft de best beschikbare informatie anno 2020 weer over de verspreiding van de vegetaties van regionaal belang. Dit kan een vereenvoudiging zijn van de werkelijkheid op terrein. Te allen tijde geldt de reële situatie op het terrein voor toepassing t.b.v. het beleidsmatig en wettelijk kader. Noch de auteurs noch het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek kunnen verantwoordelijk gesteld worden voor gebeurlijke fouten en de gevolgen die daaruit kunnen voortvloeien.

  • Algemene havenkaart van het havengebied in opdracht van het havenbedrijf Antwerpen; de data wordt elke dag geüpdatet

  • In een vorig project werden zogenaamde potentiële leefgebiedenkaarten gemaakt voor een aantal Europees en Vlaams prioritaire soorten (Maes et al., 2019). We maakten hiervoor gebruik van de zogenaamde GeoDynamiX toolbox van het Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek (VITO). Met behulp van allerlei beschikbare kaartlagen zoals de Biologische Waarderingskaart, de bodemkaart, de watervlakkenkaart, enzovoort en gedetailleerde kennis over de specifieke ecologische eisen van elke soort bakende dit model heel gedetailleerde kaarten af met locaties waar deze soorten potentieel zouden kunnen voorkomen in Vlaanderen (https://geo.inbo.be/potleefgebieden/). Hierbij werd echter geen rekening gehouden met de actuele verspreiding van de soorten en werden ook gebieden afgebakend waar de soort momenteel niet voorkomt of die voor de soort momenteel onbereikbaar zijn. Hierdoor werden voor sommige soorten vrij grote gebieden afgebakend als potentieel geschikt leefgebied en waren deze kaarten niet altijd inzetbaar voor beleidsdoeleinden. Om hieraan te verhelpen, verfijnden we de potentiële leefgebiedenkaarten met actuele verspreidingsinformatie van de soorten door rond de locaties waar ze momenteel voorkomen een buffer te trekken die overeenkomt met hun kolonisatiecapaciteit. Door na te gaan welke potentiële leefgebieden overlappen met hun actuele verspreiding (inclusief de kolonisatiebuffer) bekwamen we kaarten met het zogenaamde Actueel Relevant Potentieel Leefgebied (ARPL; Maes et al., 2016). Deze kaarten bevatten dus enerzijds alle gebieden waar soorten momenteel voorkomen, maar ook de potentiële leefgebieden die vanuit deze locaties door de soort te bereiken zijn. Dit maakt het tot een praktischer instrument in allerlei beleidstoepassingen dan de ruime potentiële leefgebiedenkaarten. Door een samenwerking tussen het INBO en ANB zijn deze ARPL-kaarten sinds kort beschikbaar als webservice en zijn ze ook te downloaden voor gebruik in GIS-toepassingen.

  • Watervlakken 1.1 is een gegeorefereerd digitaal bestand van stilstaande oppervlaktewateren in Vlaanderen. Het bestand, opgebouwd door combinatie van bestaande topografische kaartlagen, orthofotobeelden, het digitaal terreinmodel Vlaanderen versie II en in beperkte mate veldwerk, omvat 88.713 polygonen met een grootte tussen 1,5 m² en 2,46 km² en kan beschouwd worden als de meest volledige weergave van stilstaande wateren die momenteel voor het Vlaamse grondgebied beschikbaar is. In die zin kan het gebruikt worden voor een breed scala aan toepassingen in onderzoek, beleidsvoorbereiding en -uitvoering, beheerplanning en -evaluatie waarbij de verspreiding en kenmerken van stilstaande wateren een rol spelen. ‘Watervlakken’ verschaft tevens een unieke referentie voor het verdere gegevensbeheer betreffende dergelijke waterlichamen. Bij deze nieuwe uitgave van Watervlakken (1.1) werd gebruik gemaakt van de orthofotobeelden van 2018 en 2019 en het digitaal terreinmodel Vlaanderen. Hierbij werden 1261 UTM-hokken, goed voor 31,5% van het Vlaams Gewest, systematisch gereviseerd. Tevens werden ad hoc meldingen van gebruikers en terreinwaarnemingen aangewend om nieuwe watervlakken te digitaliseren, vormcorrecties aan te brengen en gedempte plassen te verwijderen uit de kaartlaag. Voor een aantal watervlakken werden gegevens over waterdiepte en connectiviteit in de attributentabel opgenomen.

  • Watervlakken versie 1.0 is een nieuw gegeorefereerd digitaal bestand van stilstaande oppervlaktewateren in Vlaanderen. Het bestand, opgebouwd door combinatie van bestaande topografische kaartlagen, orthofotobeelden en het digitaal terreinmodel Vlaanderen versie II, omvat 86.026 polygonen met een grootte tussen 1,45 m2 en 2,4 km2 en kan beschouwd worden als de meest volledige weergave van stilstaande wateren die momenteel voor het Vlaamse grondgebied beschikbaar is. In die zin kan het gebruikt worden voor een breed scala aan toepassingen in onderzoek, beleidsvoorbereiding en -uitvoering waarbij de verspreiding en kenmerken van stilstaande wateren een rol spelen. ‘Watervlakken’ verschaft tevens een unieke referentie voor het verdere gegevensbeheer betreffende dergelijke waterlichamen.

  • RIS of River Information Services is een pakket van uiteenlopende diensten die het verkeers- en vervoersproces in de binnenvaart moeten optimaliseren. RIS stroomlijnt de informatie-uitwisseling tussen de beheerders en de gebruikers van de waterwegen en beoogt een bijdrage te leveren aan een veilig en efficiënt transportproces. De RIS-index is een belangrijke set van referentiegegevens die door verschillende RIS-toepassingen wordt aangewend. Deze referentiegegevens hebben betrekking op objecten op en langsheen de waterweg (kunstwerken, kaaien, bolders, steigers,...) en vaarwegsecties (samenvloeiingen, hectometerpunten,...). Deze gegevens maken het mogelijk om informatie voor de waterweggebruikers zo exact mogelijk te bepalen. Het formaat waarin de gegevens moeten beschikbaar gesteld worden, is binnen de Europese expertengroepen ontwikkeld en als standaard opgelegd. Binnen deze dataset zijn de as van de vaarweg en de knooppunten in het waternetwerk terug te vinden. De metadata van de WMS/WFS staan onder, WMS: https://metadata.vlaanderen.be/srv/dut/catalog.search#/metadraf/a730cf61-2ae0-468e-ac8e-8c75ae76f754 WFS: https://metadata.vlaanderen.be/srv/dut/catalog.search#/metadata/5c412b19-f5af-4dea-b8ac-9e869a6f97b8

  • Signaalgebieden zijn nog niet ontwikkelde gebieden met een harde gewestplanbestemming (woongebied, industriegebied,...) die ook een functie kunnen vervullen in de aanpak van wateroverlast omdat ze kunnen overstromen of omdat ze omwille van specifieke bodemeigenschappen als een natuurlijke spons fungeren. Als na grondige analyse van een signaalgebied blijkt dat het risico op wateroverlast bij ontwikkelen van het gebied volgens de bestemming groter wordt dan beslist de Vlaamse Regering tot een vervolgtraject voor dat gebied. In het vervolgtraject legt de Vlaamse Regering een ontwikkelingsperspectief voor het gebied vast en bepaalt ze via welk instrument het ontwikkelingsperspectief moet gerealiseerd worden. Als het signaalgebied een andere bestemming moet krijgen, duidt de Vlaamse Regering ook het bestuur aan dat het initiatief moet nemen om de herbestemming te realiseren.

  • Het Onroerenderfgoeddecreet voorziet sinds het nieuwe onroerenderfgoeddecreet van 01-01-2015 vier mogelijke beschermingsstatuten: een beschermd monument, een beschermd cultuurhistorisch landschap, een beschermd stads- of dorpsgezicht en een beschermde archeologische site. Binnen elk van deze statuten is het mogelijk om een overgangszone in te stellen. Zo een zone ondersteunt de erfgoedwaarde van het beschermde goed.