Keyword

grondwater

35 record(s)
 
Type of resources
Metadata standard
standardName
Available actions
Service types
flanderskeyword
Provided by
status
Topics
Keywords
License
Contact for the resource
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
Scale 1:
Resolution
INSPIRE themes
From 1 - 10 / 35
  • Cijfers van de gemeente over: ammoniak emissies veeteelt, grondwater actiegebieden, grondwater putwater, hittegolf dagen, temperatuur, luchtkwaliteit, riolering en waterzuivering, rioleringskost, uitstoot fijn stof gebouwenverwarming, waterfactuur, bekkenwerking, gebiedsspecifieke actie, pesticide, waterkwaliteit waterlopen, overstroombare gebieden en gebouwen en ten slotte signaalgebieden.

  • Directe downloadservice voor de Beschermde gebieden ifv winning drinkwater uit oppervlakte- en grondwater in uitvoering van 2000/60/EG (Kaderrichtlijn Water) zoals gerapporteerd aan de Europese Commissie.

  • Directe downloadservice voor de gebiedstypes nitraat mestdecreet

  • Web Map Service met data van de Vlaamse Landmaatschappij.

  • In de Databank Ondergrond Vlaanderen zijn verschillende grondwatermeetnetten opgenomen. Deze meetnetten staan in functie van uitgebreide monitoringprogramma’s met de bedoeling een goed beeld te krijgen van de beschikbare grondwaterkwantiteit en grondwaterkwaliteit van de watervoerende lagen in Vlaanderen. Deze kaartlaag toont alle watermonsters die in de meetnetten opgenomen zijn.

  • Deze indicator toont de resultaten van de meetcampagnes sinds 2004 in het MAP-meetnet grondwater met ongeveer 2100 meetputten, die meestal op drie dieptes (‘filters’) en tweemaal per jaar bemonsterd worden. De kwetsbaarheid van watervoerende lagen voor nitraatvervuiling kan sterk verschillen. Ze hangt af van een aantal kenmerken van de ondergrond zoals de hydraulische doorlaatbaarheid en de reductiecapaciteit. In kwetsbare zones is de densiteit aan meetputten groter dan in minder kwetsbare zones om beter rekening te houden met risicofactoren. Om toch een gemiddelde nitraatconcentratie voor Vlaanderen te kunnen bepalen, wordt eerst een gemiddelde concentratie per hydrogeologisch homogene zone (HHZ) bepaald waarna gewogen wordt volgens het landbouwareaal van de zones. HHZ’s zijn zones waarbinnen nitraatverspreiding en nitraatafbraak op een vergelijkbare manier in de hiermee geassocieerde watervoerende lagen gebeurt.

  • Bij het gebruik van sommige pesticiden bestaat het gevaar dat zij of hun afbraakproducten in het grondwater terechtkomen. Daar kunnen ze nog lange tijd voor verontreiniging zorgen. Vooral moeilijk afbreekbare middelen die een grote mobiliteit vertonen omwille van een goede wateroplosbaarheid en een lage adsorptiecapaciteit aan bodemdeeltjes, vormen een potentieel gevaar voor het grondwater. Verder wordt de verspreiding van pesticiden bepaald door de kenmerken van de aanwezige watervoerende lagen, zoals de doorlatendheid, de hydraulische gradiënt en de aan-/afwezigheid van adsorberende stoffen. Pesticiden en hun metabolieten worden omwille van hun milieuvreemde externe afkomst en recente toepassing bijna uitsluitend in de freatische (ondiepe) watervoerende lagen aangetroffen.

  • Sinds 1 januari 2019 is een nieuw Mestdecreet van kracht in Vlaanderen, het ‘Decreet houdende wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en van het Mestdecreet van 22 december 2006, wat de implementatie van het zesde mestactieprogramma betreft’. Europa zette Vlaanderen aan tot een meer doorgedreven aanpak van de bescherming van het oppervlakte- en grondwater. Het Mestdecreet, ook wel MAP 6 (Mest Actie Plan 6) genoemd, heeft tot doel de waterverontreiniging door nitraten en fosfaten uit agrarische bronnen te verminderen en verdere verontreiniging te voorkomen. De afdeling Mestbank van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) voert dit decreet uit. De gebiedstype-indeling in MAP 6 vervangt de vroegere afbakening van de focusgebieden nitraat mestdecreet. De nieuwe indeling bestaat uit vier gebiedstypes en daar worden verschillende gebiedsgerichte maatregelen ingezet. Zo wil men op termijn de waterkwaliteitsdoelstellingen realiseren. Het zesde mestactieplan (MAP 6) voorziet in een tweejaarlijkse herziening van de indeling van de gebiedstypes. Dat gebeurt op basis van de recentste nitraatmetingen in het oppervlakte- en grondwater in landbouwgebied, uitgevoerd door de Vlaamse Milieumaatschappij. De nieuwe kaart met gebiedstypes die zal gelden in de periode 2021-2022 werd op 27 november 2020 door de Vlaamse Regering vastgelegd. Concreet worden de gebiedstypes nitraat mestdecreet afgebakend als volgt: - Afstroomzones van de Vlaamse waterlichamen als basis Deze zones worden gebruikt als geografische basiseenheid voor de indeling in de verschillende gebiedstypes. In totaal zijn er 265 afstroomzones, naargelang de beoordeling van de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater, wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes. - Beoordeling van het oppervlaktewater De beoordeling van de oppervlaktewaterkwaliteit vormt de vertrekbasis. De gemiddelde nitraatconcentratie van de MAP-meetpunten is de indicator om de globale impact van de landbouw op de oppervlaktewaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. De streefwaarde voor de gemiddelde nitraatconcentratie bedraagt 18 mg nitraat/l. Deze streefwaarde is afgeleid op basis van data-analyse en is de vertaalslag van de grenswaarde voor nitraatstikstof tussen een goede en matige toestand van de oppervlaktewaterkwaliteit vanuit de Kaderrichtlijn Water. Deze grenswaarde bedraagt 10 mg nitraatstikstof/l, wat overeenkomt met 44,3 mg nitraat/l, als 90ste percentielwaarde. Dit betekent concreet dat 90% van de metingen moet voldoen aan deze grenswaarde. Naar gelang de doelafstand tot de streefwaarde wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes oppervlaktewater. - Beoordeling grondwater De gemiddelde nitraatconcentratie in de bovenste filter van de grondwatermeetpunten is een goede indicator om de globale impact van de landbouw op de grondwaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. Omwille van de langere reistijden naar het grondwater, wordt er ook rekening gehouden met de trend van de nitraatconcentratie bij de gebiedstype-indeling voor grondwater. - Gebiedstype-indeling op basis van oppervlakte- en grondwater Om tot een definitieve afbakening te komen, wordt de afbakening op basis van het criterium oppervlaktewater gecombineerd met het criterium grondwater. De gebiedstype-indeling op basis van het oppervlaktewater vormt de basis en wordt naargelang het resultaat van de grondwaterbeoordeling, verhoogd met +1 (tot een maximum van 3). Afstroomzones die na de combinatie van oppervlakte- en grondwater gebiedstype 0 zijn maar waar de 90ste percentielwaarde van alle metingen in oppervlaktewatermeetpunten (op basis van winterjaren 2016-2017, 2017-2018 en 2018-2019) hoger is dan 44,3 mg nitraat/l worden bijkomend aangeduid als gebiedstype 1.

  • Sinds 1 januari 2019 is een nieuw Mestdecreet van kracht in Vlaanderen, het ‘Decreet houdende wijziging van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en van het Mestdecreet van 22 december 2006, wat de implementatie van het zesde mestactieprogramma betreft’. Europa zette Vlaanderen aan tot een meer doorgedreven aanpak van de bescherming van het oppervlakte- en grondwater. Het Mestdecreet, ook wel MAP 6 (Mest Actie Plan 6) genoemd, heeft tot doel de waterverontreiniging door nitraten en fosfaten uit agrarische bronnen te verminderen en verdere verontreiniging te voorkomen. De afdeling Mestbank van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) voert dit decreet uit. De gebiedstype-indeling in MAP 6 vervangt de vroegere afbakening van de focusgebieden nitraat mestdecreet. De nieuwe indeling bestaat uit vier gebiedstypes en daar worden verschillende gebiedsgerichte maatregelen ingezet. Zo wil men op termijn de waterkwaliteitsdoelstellingen realiseren. Het zesde mestactieplan (MAP 6) voorziet in een tweejaarlijkse herziening van de indeling van de gebiedstypes. Dat gebeurt op basis van de recentste nitraatmetingen in het oppervlakte- en grondwater in landbouwgebied, uitgevoerd door de Vlaamse Milieumaatschappij. De nieuwe kaart met gebiedstypes die zal gelden in de periode 2021-2022 werd op 27 november 2020 door de Vlaamse Regering vastgelegd. Concreet worden de gebiedstypes nitraat mestdecreet afgebakend als volgt: - Afstroomzones van de Vlaamse waterlichamen als basis Deze zones worden gebruikt als geografische basiseenheid voor de indeling in de verschillende gebiedstypes. In totaal zijn er 265 afstroomzones, naargelang de beoordeling van de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater, wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes. - Beoordeling van het oppervlaktewater De beoordeling van de oppervlaktewaterkwaliteit vormt de vertrekbasis. De gemiddelde nitraatconcentratie van de MAP-meetpunten is de indicator om de globale impact van de landbouw op de oppervlaktewaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. De streefwaarde voor de gemiddelde nitraatconcentratie bedraagt 18 mg nitraat/l. Deze streefwaarde is afgeleid op basis van data-analyse en is de vertaalslag van de grenswaarde voor nitraatstikstof tussen een goede en matige toestand van de oppervlaktewaterkwaliteit vanuit de Kaderrichtlijn Water. Deze grenswaarde bedraagt 10 mg nitraatstikstof/l, wat overeenkomt met 44,3 mg nitraat/l, als 90ste percentielwaarde. Dit betekent concreet dat 90% van de metingen moet voldoen aan deze grenswaarde. Naar gelang de doelafstand tot de streefwaarde wordt elke afstroomzone ingedeeld in één van de vier gebiedstypes oppervlaktewater. - Beoordeling grondwater De gemiddelde nitraatconcentratie in de bovenste filter van de grondwatermeetpunten is een goede indicator om de globale impact van de landbouw op de grondwaterkwaliteit in een bepaalde afstroomzone te beoordelen. Omwille van de langere reistijden naar het grondwater, wordt er ook rekening gehouden met de trend van de nitraatconcentratie bij de gebiedstype-indeling voor grondwater. - Gebiedstype-indeling op basis van oppervlakte- en grondwater Om tot een definitieve afbakening te komen, wordt de afbakening op basis van het criterium oppervlaktewater gecombineerd met het criterium grondwater. De gebiedstype-indeling op basis van het oppervlaktewater vormt de basis en wordt naargelang het resultaat van de grondwaterbeoordeling, verhoogd met +1 (tot een maximum van 3). Afstroomzones die na de combinatie van oppervlakte- en grondwater gebiedstype 0 zijn maar waar de 90ste percentielwaarde van alle metingen in oppervlaktewatermeetpunten (op basis van winterjaren 2016-2017, 2017-2018 en 2018-2019) hoger is dan 44,3 mg nitraat/l worden bijkomend aangeduid als gebiedstype 1.

  • Dit bestand geeft een overzicht van de beschermde gebieden ifv winning drinkwater uit oppervlakte- en grondwater zoals gerapporteerd aan de Europese Commissie in uitvoering van de Europese kaderrichtlijn Water (KRLW) 2000/60/EG. In uitvoering van artikel 1.7.6.7 1° dient een register opgesteld te worden van de oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen die aangewezen zijn voor de onttrekking van water bestemd voor menselijke consumptie en de voor dat toekomstig gebruik bestemde waterlichamen, met inbegrip van de beschermingszones voor die oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen. In uitvoering van artikel 1.7.6.3 dient dit register op kaart weergegeven te worden. Deze kaartlaag bevat het register voor de beschermde gebieden drinkwater.