denominator

20000

50 record(s)
 
Type of resources
Metadata standard
standardName
Available actions
flanderskeyword
Provided by
status
Topics
Keywords
Contact for the resource
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
Scale 1:
INSPIRE themes
From 1 - 10 / 50
  • Het Belgische bodemclassificatiesysteem bestaat uit een bodemtype dat overeenkomt met één van de 3 classificatietypes: de algemene, de kuststreek en de kunstmatige gronden classificatie. Het bodemtype van de algemene Belgische bodemclassificatie wordt opgebouwd uit verschillende onderdelen zoals een substraat, textuurklasse, drainageklasse, profielontwikkelingsgroep, fasen en varianten. Dit morfogenetisch classificatiesysteem kon niet toegepast worden in de kuststreek, aangezien de bodems in deze streek geen profielontwikkeling vertonen. Daardoor wordt voor de kuststreek een apart Belgisch classificatiesysteem gebruikt. Ook voor bodemprofielen met een sterke menselijke verstoring, kunstmatige gronden, bestaat er binnen België een apart classificatiesysteem. Naast de Belgische bodemclassificatiesystemen wordt ook de internationale World Reference Base (WRB) bodemclassificatie gebruikt. Het WRB systeem gebruikt ‘Reference Soil Groups' (RSG’s), ‘Principal Qualifiers’ (PQ’s) en 'Supplementatry Qualfiers' (SP's). Naast het Belgische bodemclassificatiesysteem en de WRB classificatie bevat de databank ook andere bodemclassificaties aangeduid als extra bodemclassificaties met o.a. de bodemclassificaties volgens het Aardewerk systeem. De Aardewerk classificatie is een voorloper van de Belgische bodemclassificatie en werd enkel in de beginjaren van de Belgische bodemkartering toegepast.

  • Een bodemlocatie is ofwel een profielput of een boring. Een boring is altijd één puntlocatie (x,y,z) en een profielput heeft minimum één en maximum twee puntlocaties (begin- en eindpunt van de profielput). Een profielput is een uitgegraven put in de bodem waarin profielbeschrijvingen, monsternames of bodemobservaties worden uitgevoerd. Een profielbeschrijving is een waarneming van bodemhorizonten en/of bodemlagen in een uitgegraven profielput. Een bodemhorizont is een visueel te onderscheiden deel van de bodem dat ontstaan is door omzetting van het moedermateriaal door pedogenetische processen of door het afzetten van organisch materiaal. Een bodemhorizont heeft voor de meeste bodemvariabelen homogene morfologische en analytische karakteristieken. Een bodemlaag daarentegen is ontstaan door niet-pedogenetische processen. Aan de hand van een profielput krijg je een beeld van de bodemkundige opbouw. Een boring is het resultaat van het boren in de ondergrond met verwijdering van bodem door middel van een gereedschap in de vorm van een holle buis. Aan de hand van dit opgeboorde bodemmateriaal worden bodembeschrijvingen, bodemobservaties en monsternames uitgevoerd. De bodemlocaties uit de 'Aardewerk-Vlaanderen-2010' databank worden afzonderlijk ontsloten in de datasets 'Bodemprofielen kartering Belgische bodemkaart' en 'Oppervlaktemonsters kartering Belgische bodemkaart'.

  • Een bodemsite is een fysieke locatie die één of meer bodemlocaties groepeert, bijvoorbeeld een veld waar verschillende profielputten gelegen zijn of meerdere boringen uitgevoerd werden. Een bodemsite is gekoppeld aan één of meer bodemlocaties. Een bodemlocatie is gekoppeld aan 0 of één bodemsite. Een bodemsite kan een geometrie bevatten (polygoon), maar deze is niet verplicht. Indien er geen geometrie beschikbaar is, wordt als geometrie het convexe omhulsel van de puntlocaties van de gekoppelde bodemlocatie gebruikt.

  • Deze dataset geeft de bebossing op de 3de editie van de topografische kaarten op 1:20.000 (1910 - 1940) weer. Zeer geschikt als aanvulling bij de bosleeftijdskaart of voor specifiek onderzoek zoals het lokaliseren van ontbossingen. Het gebruik voor detailstudies wordt afgeraden, tenzij voor een terreinverkenning. De 3de editie van de topografische kaarten vertonen immers geografische afwijkingen. Deze kaart werd voor vectorisatie van historische bossen geselecteerd omdat automatisering mogelijk was. Als informatiebron heeft de kaart als nadeel dat ze als gevolg van WOI over een ruime periode tot stand gekomen is. Oost- en West-Vlaanderen (inclusief 1:50.000 nummers 15, 22, 30 en 38) werden gekarteerd rond 1910. De oostelijke helft van Vlaanderen werd gekarteerd in de jaren '20 en '30. Sommige kaartbladen (19/7, 19/8, 20/5, 28/8 en 30/3) werden zelfs niet opnieuw gekarteerd in het begin van de 20ste eeuw en geven dus de situatie weer van rond 1885.

  • Het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021) geeft de variatie in de samenstelling van de ondergrond weer tot -50 mTAW voor de stedelijke regio van Antwerpen en een deel van de Antwerpse haven. Het model is opgemaakt in het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving. Het model omvat: - de hoogte in mTAW van de basis en de top van de gemodelleerde pakketten onder de vorm van grid-asc-bestanden, - de dikte van de gemodelleerde pakketten onder de vorm van grid-asc-bestanden, - voorkomensgrenzen van de pakketten, - boringen, sonderingen, en interpretaties waarop het model gebaseerd is, en - densiteitskaarten. Daarnaast biedt het model een voxelmodel met variatie per volume van 25*25*0.5m in lithologie, eenheid en een beschrijving van de algemene samenstelling van de eenheid en van de variatie in het glauconietgehalte. Alles is gedocumenteerd in een rapport en bijhorende bestanden.

  • De voorkomensgrenzen geven per gemodelleerd pakket weer waar de eenheden voorkomen, althans waar ze gemodelleerd zijn. Het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021) is opgemaakt in het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.

  • Per gemodelleerde eenheid is een kaartlaag beschikbaar met densiteit van de geïnterpreteerde boringen en sonderingen waarin de eenheid geïdentificeerd werd, en die gebruikt werden voor de modellering van die eenheid in OAv1. De gridfiles bevatten per eenheid de interpretatie-densiteit van de boringen en sonderingen, in aantal per km². Het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021) is opgemaakt in het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.

  • Per gemodelleerde eenheid is een kaartlaag beschikbaar met boringen waarin de basis van die eenheid geïdentificeerd werd, en die gebruikt werden voor de modellering van de basis van die eenheid in OAv1. De shapefiles bevatten per eenheid en per boring de diepte van de basis van de eenheid in meters t.o.v. de start van de boring, alsook de diepte van de basis in mTAW in de boring en volgens het model. Het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021) is opgemaakt in het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.

  • Per gemodelleerde eenheid is een kaartlaag beschikbaar met sonderingen waarin de basis van die eenheid geïdentificeerd werd, en die gebruikt werden voor de modellering van de basis van die eenheid in OAv1. De shapefiles bevatten per eenheid en per boring de diepte van de basis van de eenheid in meters t.o.v. de start van de boring, alsook de diepte van de basis in mTAW in de boring en volgens het model. Het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021) is opgemaakt in het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.

  • Per gemodelleerd pakket geven deze kaarten de hoogte van de top (mTAW) van de gemodelleerde eenheid weer van het Ondiep geologisch 3D lagen- en voxelmodel van regio Antwerpen (OA v1, 2021). Het ondiep model is een testcase voor het modelleren van de ondiepe stedelijke ondergrond. Deze opdracht valt binnen het kader van de beheersovereenkomst van de Vlaamse overheid met VITO, onder de noemer VLAKO, in opdracht van het Vlaams Planbureau voor Omgeving.