cl_maintenanceAndUpdateFrequency

daily

49 record(s)
 
Type of resources
Metadata standard
standardName
Available actions
flanderskeyword
Provided by
status
Topics
Keywords
License
Contact for the resource
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
Scale 1:
Resolution
INSPIRE themes
From 1 - 10 / 49
  • In de Databank Ondergrond Vlaanderen zijn verschillende grondwatermeetnetten opgenomen. Deze meetnetten staan in functie van uitgebreide monitoringprogramma’s met de bedoeling een goed beeld te krijgen van de beschikbare grondwaterkwantiteit en grondwaterkwaliteit van de watervoerende lagen in Vlaanderen. Deze kaartlaag toont alle watermonsters die in de meetnetten opgenomen zijn.

  • Algemene havenkaart van het havengebied in opdracht van het havenbedrijf Antwerpen; de data wordt elke dag geüpdatet

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle schorsingen door de Vlaamse Regering en de deputaties van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen. De schorsingen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende gemeentebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle schorsingen door de Vlaamse Regering van de provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen. De schorsingen zijn in deze dataset beschikbaar voor zover ze al zijn opgeladen door het betreffende provinciebestuur, dat eigenaar is van de data en verantwoordelijk voor de inhoud.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type grondvlakken - van ruimtelijke plannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Grondvlakvoorschriften zullen in de praktijk altijd aan een vlakvormig planelement gekoppeld worden dat op zijn beurt een vlakvullend legendesymbool ontvangt, m.a.w. een dekkende symboliek. Dit soort voorschriften kan zowel een vervangend als een aanvullend karakter vertonen ten opzicht van andere voorschriften, afhankelijk van de geldende decretale marges betreffende subsidiariteit, hiërarchie van de plannen, en de overgang van de plannen van de oude wetgeving naar de nieuwe. Bovenop de grondvlakken van het plan kunnen andersoortige planelementen gelegd worden. Deze worden ingedeeld volgens geometrie: vlakken, lijnen, punten en volgens de geometrische nauwkeurigheid van de planelementen (geometrisch nauwkeurig te bepalen of bij wijze van aanduiding).

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type overdrukken indicatieve aanduiding - van ruimtelijke plannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Overdrukvlakvoorschriften betreffen een detaillering van of een bijkomende voorwaarde op een grondvlak, ongeacht of dit laatste voorschrift tot een ouder plan of hetzelfde plan behoort. Dit betekent in de praktijk dat voor de bewuste gebieden de overdrukvoorschriften nog samen met 1 of meerdere onderliggende voorschriften (van een ouder plan of van hetzelfde plan) moeten gelezen worden, omdat ze de onderliggende grondvlakvoorschriften niet vervangen. In een plan kunnen stedenbouwkundige voorschriften toegevoegd worden die van toepassing zijn op een gebied, lijn of plek die de opmaker van het plan niet geometrisch nauwkeurig wil bepalen. Dit zijn de zogenaamde indicatieve aanduidingen. Er bestaan 3 types van indicatieve aanduidingen: punten, lijnen en overdrukken.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type punten indicatieve aanduiding - van ruimtelijke plannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Voorschriften die gekoppeld zijn aan lijnvormige of puntvormige planelementen kunnen, in tegenstelling tot diegene die gekoppeld zijn aan vlakken, nooit onderliggende planelementen bedekken, in die zin dat ze die vervangen. In een plan kunnen stedenbouwkundige voorschriften toegevoegd worden die van toepassing zijn op een gebied, lijn of plek die de opmaker van het plan niet geometrisch nauwkeurig wil bepalen. Dit zijn de zogenaamde indicatieve aanduidingen. Er bestaan 3 types van indicatieve aanduidingen: punten, lijnen en overdrukken.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type overdrukken - van ruimtelijke plannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Overdrukvlakvoorschriften betreffen een detaillering van of een bijkomende voorwaarde op een grondvlak, ongeacht of dit laatste voorschrift tot een ouder plan of hetzelfde plan behoort. Dit betekent in de praktijk dat voor de bewuste gebieden de overdrukvoorschriften nog samen met 1 of meerdere onderliggende voorschriften (van een ouder plan of van hetzelfde plan) moeten gelezen worden, omdat ze de onderliggende grondvlakvoorschriften niet vervangen.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van alle planelementen - van het type lijnen indicatieve aanduiding - van ruimtelijke plannen, zowel de definitief goedgekeurde als diegene in opmaak. Een planelement is een object waarmee de betrokken overheid het toepassingsgebied van (een deel van) de ruimtelijke optie die zij heeft genomen aan de hand van bepaalde stedenbouwkundige voorschriften, weergeeft op het grafische plan, als zij dat nodig acht. Dit object is conceptueel altijd te herleiden tot een vlak, lijn of punt, waaraan een zeker legendesymbool is toegekend. Om de koppeling te garanderen tussen een “locatie” en de “volledige set van voorschriften die gelden op die locatie”, is het nodig een plan te ontrafelen in enkele complementaire geodatalagen in vectorformaat. Zo bekomen we een eenduidige koppeling tussen voorschriftteksten en hun bijhorende planelementen. Voorschriften die gekoppeld zijn aan lijnvormige of puntvormige planelementen kunnen, in tegenstelling tot diegene die gekoppeld zijn aan vlakken, nooit onderliggende planelementen bedekken, in die zin dat ze die vervangen. In een plan kunnen stedenbouwkundige voorschriften toegevoegd worden die van toepassing zijn op een gebied, lijn of plek die de opmaker van het plan niet geometrisch nauwkeurig wil bepalen. Dit zijn de zogenaamde indicatieve aanduidingen. Er bestaan 3 types van indicatieve aanduidingen: punten, lijnen en overdrukken.

  • Deze dataset bevat de digitale vectoriële versie van recente schorsingen en vernietigingen van ruimtelijke uitvoeringsplannen en stedenbouwkundige verordeningen door de Raad van State en intrekkingen door de planopmakende overheid.